De stappen van… sergeant-majoor Buddy

Buddies voor het leven

Als kind wist Buddy (39) al heel zeker dat hij later bij Defensie wilde werken. Documentaires over het leger op Discovery Channel hielden hem hele dagen aan de buis gekluisterd. ‘Ik was dolgelukkig toen ik 18 werd en eindelijk mocht solliciteren. Eenmaal aan het werk als soldaat voelde ik me als een vis in het water.’

Wat leek je zo mooi aan werken bij Defensie?

‘Het hele plaatje. Van het stoere uniform tot de maatschappelijke rol die je als militair vervult; ik wilde mensen helpen in binnen- én buitenland. Maar de allerbelangrijkste reden om bij Defensie aan de slag te gaan was het gevoel van broederschap. Ik denk dat je nergens anders een hechtere club van mensen vindt dan hier.’

Hoe belangrijk is die broederschap voor jou?

‘Op mijn twaalfde belandde ik op straat. Gelukkig kon ik bij mijn basisschooljuf terecht, maar ik had ook een hechte vriendengroep waarop ik kon terugvallen. Jarenlang sliep ik elke avond bij een andere goede vriend tot ik op mijn zestiende bij de ouders van mijn toenmalige vriendin kon intrekken. Ondanks mijn instabiele thuissituatie en het leven op straat – ik woonde destijds in Spangen, een van de slechtste wijken van Rotterdam – ben ik altijd op het rechte pad gebleven. Omdat ik al vroeg Defensie als doel voor ogen had, wist ik dat ik absoluut geen gekke dingen mocht doen.’

Ben je op uitzending geweest?

‘In mijn hele operationele carrière ben ik vijf keer op uitzending geweest: drie keer in Bosnië en twee keer in Afghanistan. Toen ik begon als soldaat bij de Verbindingsdienst mocht ik meteen mee naar Šipovo en Banja Luka. In de jaren negentig van de vorige eeuw woedde in Bosnië namelijk een burgeroorlog en na afloop zijn veel Nederlandse militairen jarenlang in het land aanwezig geweest om vrede, veiligheid en stabiliteit te waarborgen. Die eerste missie heeft veel indruk op me gemaakt en ik heb mezelf kunnen bewijzen; direct erna ben ik bevorderd tot korporaal. 

Maar mijn mooiste missie was toch wel de eerste keer Afghanistan, Task Force Uruzgan 1. Wij waren in 2006 een van de eerste Nederlandse militairen en moesten daarom een groot deel van Kamp Holland opbouwen. Zelf heb ik als ‘verbindelaar’ gezorgd voor de communicatie- en informatiesystemen; denk bijvoorbeeld aan satelliet- en radioverbindingen. Omdat zelfs de slaapvertrekken nog niet helemaal gereed waren sliepen we de eerste weken buiten, recht onder de heldere sterrenhemel.’

Uiteindelijk ben je niet alleen bevorderd tot korporaal, maar ook tot onderofficier. Hoe heb je dat gedaan?

‘Mijn toenmalige commandant stond altijd vierkant achter me. ‘Buddy’, zei hij, ‘jij kunt meer’. Hij heeft me toen naar de Koninklijke Militaire School (KMS) gestuurd waar ik de onderofficiersopleiding heb gedaan. Een pittige combinatie van theorie en praktijk, maar achteraf ben ik heel blij dat ik naar die commandant heb geluisterd.’

Hoe ben je recruiter geworden en wat vind je er zo leuk aan?

‘Voordat ik in 2016 de knoop doorhakte, had ik al van verschillende collega’s gehoord dat ze personeelswerving echt iets voor mij vonden. Ik denk dat het komt door mijn karakter: ik ben direct en eerlijk, en zo werf ik ook. Ik vertel de plus- én de minpunten. Defensie geeft je structuur, middelen om hogerop te komen en vriendschappen voor het leven, maar in ruil hiervoor moet je soms ook dingen opofferen. Ik vind het leuk om mensen zó voor te lichten dat ze een bewuste keuze maken voor Defensie.’